De speech van dhr. Eric Sleeckx (kabinet Muyters)

Artikel

Op dinsdagavond 20 december werd in het Stadhuis van Brussel de vijftiende Vlaamse Scriptieprijs uitgereikt. Lees hier de speech die Eric Sleeckx, raadgever economie & innovatie van minister Muyters, namens de minister bracht. 


Eric Sleeckx

Goedenavond allemaal, beste sympathisanten van de Scriptieprijs,

Ik ben Eric Sleeckx, adviseur Economie en Innovatie op het kabinet van minister Muyters. Ik wil hier minister Muyters verontschuldigen, hij heeft zich alle mogelijke bochten gewrongen om hier te geraken maar het is hem niet gelukt. Ministers zijn helaas geen baas over hun eigen agenda.

Ik zal dus de boodschap van de minister brengen. Een korte boodschap bovendien, want jullie zitten natuurlijk allemaal op hete kolen om te weten wie dit jaar de Vlaamse Scriptieprijs, de ondertussen toch wel prestigieuze Scriptieprijs, in ontvangst mag nemen.

En terecht dat jullie wat ongeduldig zijn! Jullie hebben maanden aan jullie eindejaarsproef gewerkt. Ik, en de minister nog meer, wij kunnen ons maar al te goed voorstellen dat dit werk bloed, zweet en tranen heeft gekost, en vaak  veel doorzettingsvermogen en wellicht af en toe minder vroom gevloek.

En jullie zijn niet alleen: jaarlijks halen er ongeveer 50.000 studenten een diploma als professionele bachelor, academische bachelor of als master.
 

Ieder van die studenten legt een eindejaarsproef of scriptie neer. Als je al die tijd op telt die studenten en begeleiders, én ouders, grootouders én lieven daaraan spenderen dan betekent dat een massa tijd. We spreken dan over wellicht meer dan 10.000 mensjaar aan onderzoeksinspanningen per jaar, 10.000 mensjaar!

En wat gebeurt er met die kennis? Gaan we die in de kast laten liggen? Ik denk het niet! Daarvoor is het potentieel veel te groot. Bovendien heeft Vlaanderen de intentie of sommigen zeggen de pretentie om een kenniseconomie te zijn. Maar om een kenniseconomie te zijn, dan hebben we wel nood aan voldoende mensen als jullie, mensen die een goede, wetenschappelijk onderbouwde opleiding hebben gehad.

En wat men al eens vergeet, er is ook nood aan een groter maatschappelijk draagvlak voor het belang van wetenschap. Wetenschap mag immers niet leiden tot een tweesporenmaatschappij: zij die het weten en zij die het niet weten. Een stabiele kenniseconomie vereist dat iedereen, op zijn niveau, voldoende kennis heeft om de wetenschappelijke vooruitgang te omarmen. Enkel dan kan onze maatschappij in de toekomst hetzelfde en liefst hoger niveau van welvaart en welzijn hebben als vandaag.

De minister is dan ook blij dat hij in de Vlaamse Scriptieprijs een medestander heeft gevonden om te vechten voor deze goede zaak. Want wat doet de Scriptieprijs?

Wetenschappers aanmoedigen en helpen om te communiceren over hun werk, bijvoorbeeld via de scriptieprijs en de PhD-cup. En dit op een wervende en toegankelijke manier naar jongeren én de brede maatschappij, via bijvoorbeeld de scriptiekrant en publicatie van vlot leesbare artikels in Metro, het meest gelezen dagblad in Vlaanderen. En natuurlijk zorgt de scriptieprijs er ook mee voor dat ons wetenschappelijk onderzoek niet in de schuif belandt, maar dat het effectief gelezen en gevaloriseerd wordt.

Daarom is het belangrijk dat de Scriptieprijs al dat werk onder de aandacht brengt op een bevattelijke manier zodat onze bedrijven en ook onze maatschappelijke actoren die kennis kunnen oppikken, en dat de burgers weten wat er gebeurt aan onderzoek.

Ook dit jaar kan de scriptieprijs weer uitpakken met een mooie oogst van in totaal 625 inzendingen. En niet alleen het resultaat van masterproeven, maar ook van professionele bachelors. 
De professionele bachelors staan vaak dicht bij de realiteit en de praktijk, misschien niet dadelijk klaar voor een Nobelprijs, maar wel heel waardevol en nuttig. Daarom heeft de minister gevraagd om vanaf dit jaar ook een prijs voor een scriptie van professionele bachelors toe te kennen.

Minister Muyters is ook blij dat de scriptieprijs positief gereageerd heeft op zijn vraag om de scriptiekrant nog ruimer te verspreiden naar het grote publiek. Dit jaar hebben we een tweede editie van de krant gratis verspreid via de Vlaamse bibliotheken. Dat ging gepaard met heel wat positieve reacties, dus gaan we in 2017 proberen om via dezelfde weg 4 extra edities uit te brengen. Zo kunnen we jullie werk nog meer kenbaar maken.

Maar we moeten nog ambitieuzer durven zijn. We gaan alle betrokkenen oproepen om nog meer reclame te maken voor de scriptieprijs zodat de inspanningen van onze studenten en begeleiders nog beter hun weg vinden naar onze bedrijven, onze maatschappelijke actoren, het grote publiek.

Genoeg gepraat, laat ik afronden. 

Ik wil in naam van de minister, de winnaars, genomineerden en alle deelnemers hier aanwezig – alvast feliciteren, maar toch vooral jullie bedanken voor de extra inspanning die jullie gedaan hebben om jullie werk bekend te maken. Jullie zijn onze ambassadeurs, er kan niet genoeg over wetenschap gesproken worden, ik zou zeggen doe zo voort.

Dank en felicitaties ook voor het kleine team van de scriptieprijs en de juryleden. Jullie hebben dat weer goed gedaan. En ook voor jullie: doe zo voort, laat ons hopen en ernaar streven om volgend jaar hier terug te kunnen staan met de boodschap dat we de kaap van 1000 inzendingen overschreden hebben.

En met die wens sluit ik af en wens ik jullie allen al een fijn kerstfeest en gezellige eindejaarsfeesten.

En dan laat ik jullie niet langer in spanning, en kijk ik samen met jullie mee uit naar wat de laureaten te vertellen hebben, en naar het juryverslag!