Sterke mannen en trouwe vrouwen in postrevolutionair Tunesië

Scriptie

ender is een sociaal construct; een creatie van de maatschappij’, stelt Marie Verstraeten. Voor haar thesis bestudeerde ze gender in Tunesië vanuit het mannelijke perspectief. Ze onderzocht zo hoe mannen aan de basis liggen van de mannelijkheids- én vrouwelijkheidsidealen. ‘Idealen die vaak problematisch zijn voor vrouwen maar ook, en dit wordt vaak over het hoofd gekeken, voor mannen zelf.’ 

Sterke mannen en trouwe vrouwen

De manier waarop mannelijkheid en vrouwelijkheid in Tunesië worden ingevuld is, zoals overal ter wereld, gebaseerd op culturele tradities en religie.

Voor jonge mannen is het allesbehalve evident om een sterk en vrij gezinshoofd te worden. De hoge werkloosheid kaapt de toekomstperspectieven.

Het gezin is de hoeksteen van de maatschappij en het gezinshoofd is een sterke, vrije man die trouw is aan zichzelf, aan zijn vrouw en aan zijn vaderland.

De invloed van Habib Bourguiba, de eerste president van de republiek Tunesië, zijn Code du Statut Personnel en zijn open blik naar het Westen speelde een grote rol voor de Tunesische situatie vandaag.

De manier waarop genderrollen in de Tunesische samenleving zijn opgebouwd, kan men zien als een evenwichtige mix tussen de Arabisch islamitische identiteit, de Tunisianité van Bourguiba en het recente revolutionaire verleden. Dit laatste vertaalt zich in een sterk sociaal bewustzijn, maar niet in politiek engagement. Want ook het huidige politieke bestel heeft het vertrouwen van de burger niet.

 

Het lijken dan wel eenvoudige idealen om na te streven, toch is het vandaag voor vele jonge mannen allesbehalve evident om een sterk en vrij gezinshoofd te worden. De hoge werkloosheid kaapt de toekomstperspectieven van jongeren in de hoofdstad. Vaak zijn ze afhankelijk van hun ouders, hetgeen nogal wat frustraties in de hand werkt.

In Tunesië is er bovendien een zeer groot contrast tussen het industriële noorden en het agrarische zuiden van het land. De investeringen en het toerisme zijn voorbehouden voor de hoofdstad en de kustgebieden. De regering lijkt de rest van het land te vergeten. Dit ‘kernperiferiebeleid’ zorgt voor hoge werkloosheidcijfers die doorzinderen in de lokale visie op hegemoniale mannelijkheid.

Volgens de meeste mannen die Verstraeten in Tunis ontmoette zijn mannen en vrouwen gelijk in Tunesië. De gendergelijke wetgeving die er dankzij Bourguiba kwam maakt het land volgens haar mannelijke burgers uniek in de regio. Die overtuiging leeft niet alleen bij de jeugd maar bij mensen van alle leeftijdscategorieën en over de sociale klassen heen. Enkelingen voegen hieraan toe dat er positieve discriminatie is van vrouwen in het bedrijfsleven en in de wetgeving op echtscheiding en alimentatieregeling.

Gezin boven zelfontplooing

De wetgeving verschilt echter sterk van de werkelijkheid, zo ervaarde Verstraeten ter plaatse. De revolutie van 2011 heeft geen spectaculair effect gehad op de positie van de man en de vrouw binnen de samenleving. De jonge bevolking is te vinden voor emancipatie maar bij de overheid gebruikt de oudere, behoudsgezinde generatie de Code du Statut Personnel als instrument om de vrouw binnenshuis te houden.

De verantwoordelijkheid van een Tunesische vrouw voor haar gezin blijft van groter belang dan zelfontplooiing.

Zo blijft de verantwoordelijkheid van een vrouw voor haar gezin tot op de dag van vandaag van groter belang dan zelfontplooiing. De familie is wel degelijk de spil van de Tunesische maatschappij zoals dit in alle islamitische samenlevingen het geval is.

Toch vallen deze genderconstructies niet te herleiden tot een gevolg van louter religie, cultuur en traditie want ze zijn ook onderhevig aan globale fenomenen.

De manier waarop de Arabische mannelijkheid in het Westen wordt gepercipieerd is niet neutraal. Het Westen heeft een erg statische kijk op het Midden-Oosten.

De internationale dag van minirok

Kenmerkend in dat verband is de protestactie die plaatsvond op 6 juni 2015. Die dag gingen vrouwen in Tunis de straat op in een minirok. De actie was bedoeld als protest tegen een Facebookgroep van Algerijnse islamisten genaamd “Be a man, don’t let your women out in revealing clothes”. De pagina werd intussen opgedoekt, maar de kern van het betoog bestond uit foto’s van mannen die pronkten met hun gesluierde vrouw.

Via de betoging wilden Tunesische vrouwen hun solidariteit betuigen met de Algerijnse vrouwen.

De actie kon op heel wat internationale media-aandacht rekenen; de BBC sprak over “The battle between the veil and the miniskirt” en ook Vlaamse kranten schreven over het protest.

Hoe gretig buitenlandse media over de actie berichtten, in Tunis zelf kreeg de oproep weinig respons. Ze leek als het ware overbodig: vrouwen bepalen er immers zelf wat ze dragen. Wat zij netjes en mooi vinden, of ze de straat opgaan met of zonder hoofddoek en al dan niet met make up. Het maakt hen allemaal niet zo veel uit, als ze zelf maar vinden dat ze goed voor de dag komen.

De echte problemen waarmee vrouwen in Tunesië te kampen krijgen situeren zich elders. Zo toont de aandacht voor de internationale dag van de minirok volgens Verstraeten aan dat de echte problemen waarmee Tunesische vrouwen te kampen krijgen niet catchy genoeg blijken voor Westerse media.

Het volledige onderzoek van Marie Verstraeten kan je raadplegen in de Vlaamse ScriptieBank. Verstraeten nam met haar scriptie deel aan de Vlaamse Scriptieprijs 2016.