Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

De Sint-Rochuskerk (1925-1928) te Halle: een innovatieve betonbouw

Bart Pierreux
Deze masterproef onderzoekt de Sint-Rochuskerk in Halle (Vlaams-Brabant), een innovatieve betonbouw in België, gerealiseerd in 1928. De kerk werd met een complexe genese opgetrokken in het interbellum door de samenwerking van drie architecten. Ondanks haar innovatieve karakter werd de kerk nog niet eerder wetenschappelijk bestudeerd.

STEAM onderwijs: Waar staan we vandaag in Vlaanderen?

Eva Severens
STEM-onderwijs kennen we intussen allemaal, maar hoe zit het met STEAM? Hoe wordt STEAM vandaag de dag geïmplementeerd in het Vlaamse onderwijs? En wat is de meerwaarde van de A? In deze scriptie geven verschillende leerkrachten een zicht op de werking met STEAM in ons huidige scholenlandschap.

Kleuters met weinig sociale wederkerigheid: van inzicht naar uitzicht (praktijkonderzoek in het ondersteuningsnetwerk Oost-Brabant)

Eleonora Tilkin-Franssens
Steeds meer kleuters worden bij het ondersteuningsnetwerk aangemeld met een (gemotiveerd) verslag type 9 of doorverwezen naar het buitengewoon onderwijs. Het ondersteuningsnetwerk waar ik voor werk, is een inclusiemotor die tracht zoveel mogelijk kinderen binnen het gewoon onderwijs tot leren te laten komen binnen het draagvlak van de school.
In dit onderzoek wordt onderzocht hoe ondersteuners leerkrachten beter kunnen begeleiden bij het creëren van een klasomgeving waarin kleuters met weinig sociale wederkerigheid wel tot ontwikkeling kunnen komen en waarbij de leerkracht minder gevoelens van onmacht, stress en handelingsverlegenheid ervaart.
Door uit te zoeken hoe de normale ontwikkeling van een kleuter er uitziet op het domein van sociaal-emotionele ontwikkeling, sociaal-communicatieve ontwikkeling, taalontwikkeling en spelontwikkeling probeert dit onderzoek een manier te vinden om leerkrachten en ondersteuners meer inzicht in de ontwikkeling van hun specifieke kleuter te bieden. Vanuit dat inzicht wordt getracht om te komen tot een beter afgestemde omgeving, aanpak en aanbod naar de kleuter toe.
Dit onderzoek tracht hierbij een antwoord te geven op wat ondersteuners en leerkrachten nodig hebben om dit te kunnen verwezenlijken en wat het gevolg is van een korte interventie op de beleving van de band tussen de leerkracht en de kleuter.
Overkoepelende conclusies trekken was niet mogelijk, aangezien de steekproef te klein was. Er kan wel afgeleid worden dat het inzetten van ondersteuners om de ontwikkeling van het jonge kind beter te begrijpen een meerwaarde kan betekenen.
Daarnaast is het aanreiken van een manier om kinderen te observeren en zo hun ontwikkelingsniveau te bepalen in combinatie met het bepalen van hun beleving van en door anderen een manier om te weten te komen waar net op kan ingezet worden om hun ontwikkeling te stimuleren.
Het opstellen van kleine, haalbare activiteiten om aan de band tussen kleuter en leerkracht te werken terwijl er naar een duidelijk doel wordt toegewerkt, kan ondersteuners helpen om gerichter de leerkrachten te ondersteunen zodat de kleuter zijn/haar ontwikkeling ook wordt gestimuleerd buiten ondersteuningstijd.

Intense handelsrelaties tussen de Noordzee en het Baltische Zeegebied: de weg van Vlaamse lakenloodjes

Ingrid De Weert
Vlaanderen was in de middeleeuwen en vroegmoderne periode een gerenommeerd gebied voor de productie en handel van laken. Lakenloodjes aangetroffen in het Baltische Zeegebied getuigen hier van. Deze loden merktekens zijn een dankbaar, maar complex hulpmiddel om de lakenhandel in een ander perspectief te bekijken.

Hoe kan VOKA Vlaams-Brabant hybride werkvormen en nieuwe mobiliteitsmodi faciliteren om de tevredenheid van zijn werknemers te verhogen?

Hannelore Van Biesbroeck
In deze scriptie werd onderzocht of hybride werken en nieuwe mobiliteitsmodi, vanuit het charter baanbrekende werkgever, VOKA Vlaams-Brabant zou helpen om de werknemerstevredenheid te vergroten.

Herbestemming Sint-Maartensberg

Nele Hanssens
Ik wil met dit onderzoek het accent leggen op de erfgoedwaarde van het gebouw. De manifeste aanwezigheid van het verleden en tevens ook het geheugen van Sint-Maartensberg loopt als een rode draad doorheen mijn thesis.

Welke verwachtingen stellen pleinverantwoordelijken naar hun animatoren op Vlaamse Gemeentelijke vakantiespeelpleinen?

Celien Goyvaerts
Dit onderzoek gaat over de werkdruk bij animatoren op Vlaamse Gemeentelijke speelpleinen. Vanwaar komt de werkdruk en hoe kunnen we hier als organisatie of als gemeenten mee omgaan?

De effectiviteit van een mobile stroke unit in UZ Leuven

Arnout Demarsin
In deze thesis wordt de impact van de invoer van een mobile stroke unit in UZ Leuven voor patiënten met een ischemische beroerte ingeschat. De meest ingrijpende invloedsfactoren op de effectiviteit van de mobile stroke unit zijn de drieminutenregel en de performantie van de nooddispatch. De gemiddelde tijdswinst tot behandeling voor beroertepatiënten in oost Vlaams-Brabant varieert sterk afhankelijk van de implementatiewijze van de mobile stroke unit.

Gedrag succesvol veranderen

Sofie Tirez
Vormingplus Oost-Brabant wil met haar werking mensen aanzetten tot gedragsverandering om zo te komen tot een duurzame, inclusieve, solidaire en democratische maatschappij. In het LAB-traject experimenteert ze met nabesprekingen na educatieve activiteiten over duurzame thema’s. In deze bachelorproef deed ik onderzoek naar hoe Vormingplus OostBrabant deelnemers door middel van deze nabesprekingen kan aanzetten tot het veranderen van hun gedrag. Ik ging op zoek naar de betekenis van gedragsverandering voor Vormingplus Oost-Brabant, naar succesfactoren van een nabespreking om gedragsverandering te bekomen, hoe een begeleider tijdens een nabespreking tot deze gedragsverandering kan bijdragen en wat de impact van zo een nabespreking op de deelnemers ervan is. Om dit te onderzoeken, deed ik een literatuurstudie, zes expertinterviews, een focusgroep met medewerkers van Vormingplus Oost-Brabant en een online enquête bij deelnemers aan activiteiten die gevolgd werden door een nabespreking. Ook deed ik beroep op mijn eigen observaties en ervaringen. Ik bekwam een reeks van praktische handvaten die Vormingplus Oost-Brabant en andere organisaties kunnen gebruiken om een nabespreking vorm te geven.

Een hogere klanttevredenheid door een betere passenger flow op Luchthaven Oostende-Brugge

Thomas De Spiegeleer
Een advies over hoe de passagiersbeleving op Luchthaven Oostende-Brugge kan verbeterd worden om zo de uiteindelijke klanttevredenheid te verhogen.

Hoe beïnvloedt de kostprijs het vrijwillig engagement van jongeren die leiding zijn bij de Chiro? Een onderzoek bij Chirogroepen in het Gewest Zizo

Charlotte Pierreux
Chiro is de grootste jeugdbeweging uit Vlaanderen. De leiding die elke week klaar staat om de jongeren te begeleiden doet dit volledig vrijwillig. Echter blijkt uit de realiteit dat de leiding geconfronteerd wordt met extra kosten. Dit onderzoek wil bekijken wat de invloed is van deze kosten op het engagement van de leiding, door middel van zowel kwantitatief als kwalitatief onderzoek aan de hand van een online enquête, gevolgd door twee focusgesprekken. Om af te sluiten vond er een gesprek plaats met een expert van Chirojeugd Vlaanderen. Het onderzoek focust zich op de zeventien Chirogroepen binnen het Gewest Zizo, een verzameling van Chirogroepen uit Vlaams-Brabant.
De eerste onderzoeksvraag bekijkt wat de kostprijs is voor leiding, daarna wordt de invloed van deze prijs op het engagement bevraagd. Om af te sluiten wordt de mening van de leiding tegenover een mogelijke financiële vergoeding gevraagd.
Uit de resultaten blijkt dat de kostprijs van groep tot groep verschilt, met een variatie van 40 tot 400 euro. Deze kosten worden meestal betaald door de leiding zelf of hun ouders. De Chirogroepen mogen autonoom hun kostprijs bepalen, al hoopt Chirojeugd Vlaanderen dat deze prijzen toegankelijk blijven voor iedereen.
Als we kijken naar het toekennen van een vergoeding zijn de meningen verdeeld. Uit de survey blijkt dat 20 procent te vinden is voor een financiële beloning, 55 procent is geen voorstander. De overige 25 procent twijfelt aangezien een vergoeding ingaat tegen het vrijwillig engagement van Chiroleiding. Uit de focusgesprekken blijkt dat leiding liever een materiële beloning heeft dan een financiële, zoals een bedankingsdag of extra hulp vanuit de gemeente.
Na dit onderzoek kunnen we concluderen dat de kostprijs weldegelijk een invloed heeft op het engagement. Indien het bedrag te hoog zou oplopen, zal een deel van de jonge vrijwilligers afhaken en niet meer deelnemen aan de niet-verplichte activiteiten.

(Standaard)nederlands: de sleutel tot integratie in Vlaanderen?

Ella van Hest
'(Standaard)nederlands: de sleutel tot integratie in Vlaanderen?' is een sociolinguïstisch-etnografische studie naar de implementatie van het NT2-beleid bij volwassen nieuwkomers en de effecten ervan op hun interacties met moedertaalsprekers.

Zot van drank! Syndroom van Korsakov ten gevolge van overmatig alcoholgebruik. Verpleegkundig handelen in de thuiszorg.

Evelien Wils
Wat is het Syndroom van Korsakov en hoe kunnen deze mensen geholpen worden om hun plaats in de maatschappij te behouden. Een e-learning werd gemaakt om de kennis hierover op te doen.

"ik hebbe nog vergeeten te seggen dat..." Oraliteit in de reiskronieken van twee napoleontische soldaten

Eline Lismont
Reisverslagen van napoleontische soldaten zijn niet enkel inhoudelijk interessant. In deze masterscriptie dragen ze immers bij aan het reconstrueren van de Nederlandse taalgeschiedenis. Binnen het domein van de historische sociolinguïstiek trachten we de taal van de lagere maatschappelijke lagen in kaart te brengen, om zo een volledig beeld van de taalgeschiedenis te schetsen.

Een contrastieve begrippenanalyse van het taalgebruik (Duits en Nederlands) in de berichtgeving over de aanslagen in Brussel: een mixed methods research op basis van een zelf samengesteld corpus van kranten- en tijdschriftartikelen

Lisa De Brabant
Aan de hand van een contrastieve corpusgebaseerde begrippenanalyse van een zelf samengesteld corpus van kranten- en tijdschriftartikels werd onderzocht in hoeverre de berichtgeving over de Brusselse aanslagen (22.03.2016) gelijklopend is in Vlaamse en Duitse printmedia.

Vlamingen verenigen zich op campus Solbosch

Giles Verbeylen
Een studie naar de Nederlandstalige verengingen en netwerken in de aanloop naar de splitsing van de unitaire universiteit ULB/VUB 1950-1970.

Notice and Takedown: onderzoek naar de baanbrekende rol van Child Focus in de online bestrijding tegen Child Sexual Abuse Material in een nog klassiek strafrechtelijk denkkader.

Camille De Brabant-Bibi
Het onderzoek naar nieuwe samenwerkingsvormen tussen een gespecialiseerde burgerlijke organisatie, met name Child Focus, en de gerechtelijke en politionele autoriteiten in de strijd tegen online beelden van kindermisbruik.

Landschapsverandering in het Hageland: extinctieschuld en kolonisatiekrediet van plantensoorten in semi-natuurlijke habitattypes

Jozefien Goovaerts
Gedurende de laatste eeuwen vonden, net zoals in de rest van West-Europa, grote landschapsveranderingen plaats in het Hageland, een regio in het noordoosten van Vlaams-Brabant. In dit onderzoek gingen we na in welke mate deze landschapsveranderingen hebben geleid tot extinctie, extinctieschuld of kolonisatiekrediet bij karakteristieke hooiland-, heide- en bossoorten.

Cyberpesten: De noden van scholen

Els Vanlinthout
Cyberpesten is een recent fenomeen dat aanwezig kan zijn op scholen. Over cyberpesten en de aanpak ervan door scholen en voornamelijk in basisscholen is nog weinig gekend. Dit onderzoek tracht dit hiaat in de literatuur op te vullen en de noden van basisscholen rond cyberpesten te achterhalen.

The awareness of aphasia in Flanders

Eline De Coninck Leonie Vercruysse
Wat weet de Vlaamse bevolking van afasie? 1518 personen werden geïnterviewd in 10 Vlaamse winkelstraten. Daaruit bleek dat 21,8% van de Vlaamse bevolking reeds van afasie had gehoord maar slechts 11,0% had ook basiskennis omtrent afasie. In de toekomst zijn bewustwordingscampagnes nodig om de notie van afasie bij de Vlaamse bevolking te verhogen gezien een hoger publiek bewustzijn zorgt voor een hogere QoL van afasiepatiënten.

De houding van Vlaamse studenten tegenover het West-Vlaamse accent en dialect. Een attitudinele mixed guise studie.

Michael Bauwens
In dit attitudeonderzoek m.b.t. Vlaamse studenten wordt het verschil tussen het West-Vlaamse dialect en accent onderzocht aan de hand van een online mixed guise studie. De attitude wordt uiteengezet in vier factoren: publieksfactor, typiciteit, intelligentie en sociale waarde.

Star Man versus Sterrenman: een epische taalbattle. Een onderzoek naar de perceptie en attitude van het Engels op de basisschool

Nane Mertens
Onderzoek naar de attitude tegenover en het gebruik van het Engels bij kinderen in de lagere school, dit omwille van de opkomst en populariteit van het Engels in het dagelijkse leven. Met de resultaten van dit onderzoek kunnen we uitspraken doen over de contactsituatie van het Engels en het Nederlands, en of het Engels eventueel een bedreiging vormt voor onze taal.

Moet er nog dialect zijn?

Natascha Derese
Onderzoek naar het dialectverlies in Vlaams-Brabant en de beweegredenen om dialect al dan niet achterwege te laten.

Sociaal Werk? - Een filosofische zoektocht naar de (on)mogelijkheid van hedendaagse hulpverlening

Jonas Vanbrabant
In mijn scriptie ga ik uit van 'de mens' in de rol van hulpverlener of -vrager binnen de maatschappelijke context. Ik onderscheid drie mensbeelden; economisch, biologisch en relationeel. De dominantie van de twee eerstgenoemde op de laatste is daarbij een hindernis voor hedendaagse hulpverlening.

Knibbel knabbel knuisje, wie gebruikt er in jouw huisje? Onderzoek naar de effectiviteit van de MaPa-box in het OCJ Brugge

Lieselot D'Hoop
Een informatief gesprek voeren met een kind is geen makkelijke opgave, zeker niet als dit kind zich bevindt in een verontrustende opvoedingssituatie (VOS). Binnen de Ondersteuningscentra Jeugdzorg (OCJ’s) moeten diverse methodieken soelaas bieden. Helaas is er geen éénduidige werkwijze die voor elke probleemsituatie geschikt is. Het Medisch Sociaal Opvang Centrum (MSOC) Vlaams-Brabant richt zich met de MaPa-box op kinderen met ouderlijk druggebruik. Het betreft hier vooral kinderen van kleuter- en lagere schoolleeftijd. MaPa verwijst naar het onderwerp van de gesprekken met deze doelgroep, namelijk de druggebruikende ‘ma’ en ‘pa’. Hierbij gaat het zowel over alcohol als drugs. Met deze methodiek tracht men beter in te spelen op de belevingswereld van deze kinderen. Ook moet de communicatie vereenvoudigd worden tussen de hulpverlener en het kind. Bovenal kan de box bijdragen tot een concretisering van het druggebruik van de ouders en de gewaarwording hiervan bij hun kinderen. Maar in welke mate is de MaPa-box bruikbaar voor consulenten van het Ondersteuningscentrum Jeugdzorg?